De zorg moet van zichzelf en anderen willen leren
Willem en Froukje | Bestuur MCL
De uitdagingen zijn groot, zoveel is zeker. De vergrijzing neemt in rap tempo toe en in het Noorden nog iets sneller.
Het is zaak om alles met elkaar open en transparant aan de juiste tafels te bespreken.
Grotere en meer complexe zorgvragen
Er komen grotere en meer complexe zorgvragen, terwijl er door ontgroening steeds minder medewerkers zijn om die zorg te leveren. We willen wel maar kunnen niet altijd, met wachtlijsten in de hele zorgketen tot gevolg. Een zorginfarct dreigt. Intussen lopen de zorgkosten en daarmee de premies voor iedereen op. Hoe komen we hieruit en maken we de zorg weer toekomstbestendig?
Een simpele oplossing is er niet, verzekeren Willem Lenglet, lid van de Raad van Bestuur van het MCL, en internist en medisch bestuurder Froukje Ubels. Wat ze wel zeker weten, is dat er veel meer samenwerking nodig is om het tij te keren. Concurrentie en ieder voor zich is echt achterhaald in de zorg. ‘‘We moeten veel meer samenwerken en van elkaar willen leren. Op alle niveaus. Dan kunnen we de veranderingen doorvoeren die nodig zijn.’’
Veel afslagen
Het Integraal Zorgakkoord (IZA) is een multidisciplinair landelijk raamwerk over wat er moet gebeuren om de grootste knelpunten in de zorg aan te pakken. ‘‘Alleen heeft dit akkoord veel afslagen en over die afslagen moeten we het wel eens zijn met elkaar, zowel landelijk als regionaal maar ook met bijvoorbeeld huisartsen en collega’s in andere ziekenhuizen, verpleeghuizen, thuiszorg en het sociale domein. We moeten werken aan vertrouwen. Dat is de basis. Vind elkaar en verras elkaar niet’’, aldus Willem Lenglet.
Het MCL heeft onlangs bekendgemaakt voornemens te zijn om met Tjongerschans in Heerenveen te fuseren. Beide ziekenhuizen zitten al langer in het concern Zorgpartners Friesland en willen dit nu ook echt gaan verzilveren. Een logische stap. Het samengaan biedt meer en betere mogelijkheden om te investeren in het zo optimaal mogelijk aanbieden van zorg en in digitalisering, innovatie en verduurzaming.
Beter plannen
Ook kan de zorg efficiënter worden uitgevoerd. ‘‘Het is makkelijker operaties te plannen als je over 22 operatiekamers beschikt dan over 14 en 8. Doe je dit als ziekenhuizen afzonderlijk, dan moet je op beide plekken ruimte houden voor onverwachte ingrepen. Straks niet meer, waardoor je uiteindelijk meer patiënten kunt helpen.’’
De ophanden zijnde fusie betekent niet dat beide ziekenhuizen zich daarna terugtrekken op een groter eiland. Integendeel, stellen ze beiden, samenwerking met andere ziekenhuizen, ouderenzorg en huisartsen is en blijft nodig om de zorg toegankelijk, beschikbaar en betaalbaar te houden. Zo is voor de Juiste Zorg op de Juiste Plaats een intensieve samenwerking nodig met ouderenzorgorganisaties, thuiszorg en Revalidatie Friesland.
‘‘Steeds vaker zullen patiënten na een operatie maar een of twee dagen in het ziekenhuis blijven voor intensieve zorg om zodra het kan naar een verpleeghuis, een vorm van zorghotel of zelfs naar huis te gaan voor verder herstel en revalidatie. Dat is vaak een prettiger omgeving voor patiënten, waardoor ze sneller kunnen herstellen. En het is goedkoper.’’
Stadspoli
Met huisartsen wordt intensief samengewerkt in de Stadspoli in Leeuwarden. Daar kijken specialisten mee op verzoek van de huisarts. In veel gevallen kunnen de patiënten met een advies van de medisch specialist verder en hoeven ze niet naar het ziekenhuis. De huisarts houdt de regie, de patiënt hoeft niet onnodig naar het ziekenhuis en hoeft daardoor ook geen eigen risico te betalen. Het aantal patiënten dat op deze manier door een specialist uit het ziekenhuis wordt gezien, neemt snel toe.
Een andere belangrijke ontwikkeling, die de druk van de zorg moet halen, is digitalisering. Telefonische consulten op afstand, telemonitoring en de Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO) moeten ervoor zorgen dat meer zorg buiten het ziekenhuis kan en zal gaan. Willem Lenglet pleit ervoor daarin veel meer samen te werken als zorgaanbieders.
Niet alles zelf uitvinden
‘‘We hebben altijd het idee dat we het zelf moeten uitvinden en dat het daarna pas goed is. Dat is natuurlijk onzin. Je kunt heel veel leren van elkaar en neem vooral over wat goed is en bewezen heeft te werken. Zo profileren het Jeroen Boschziekenhuis en het OLVG zich als vooraanstaande monitoringsziekenhuizen in Nederland. Daar kunnen we mogelijk veel van leren. Hoe je dat doet, hoe je dat onderdeel maakt van je zorgproces, hoe je gegevens (data) verwerkt en opslaat en dat ook veilig kunt doen.’’
Preventie en het begrip Positieve Gezondheid nemen ook een steeds grotere plek in. Door als samenleving maar ook zorgverleners meer te investeren in leefstijl kunnen we een deel van de ziektes voorkomen. Positieve Gezondheid heeft een bredere kijk op gezondheid en wordt Friesland-breed opgepakt. Al die bewegingen moeten volgens Froukje Ubels bijdragen aan passende zorg. ‘‘We doen dit allemaal niet voor onszelf, maar voor een hoger doel, namelijk de beste en meest passende zorg voor de patiënt in een sterk veranderende wereld.’’
‘We doen dit allemaal niet voor onszelf, maar voor een hoger doel, namelijk de beste en meest passende zorg voor de patiënt in een sterk veranderende wereld.’
Behapbaar
Bij het bevorderen van Positieve Gezondheid en zorg op afstand, kan de huisarts een belangrijke rol spelen. Maar ook dat moet je samen ontwikkelen. ‘‘Je kunt niet alles zomaar op het bordje van de huisarts kieperen. Je moet samen kijken hoe je dat het beste kunt doen, zodat het ook nog voor de huisarts behapbaar blijft.’’
En de patiënt moet goed worden meegenomen. Nu digitalisering een grotere rol krijgt, is het volgens Froukje Ubels zaak om patiënten daar heel goed bij te betrekken en over voor te lichten. Niet iedereen is even digitaal vaardig. Via mijnMCL kunnen patiënten zich digitaal aanmelden en met de komst van de PGO’s krijgen patiënten straks de beschikking over hun eigen dossier en kunnen gegevens tussen zorgaanbieders makkelijk worden uitgewisseld. Maar dan moeten patiënten daar ook mee om kunnen gaan. ‘‘Het succes is sterk afhankelijk van het feit of de patiënt de nieuwe ontwikkelingen adopteert en accepteert.” Het MCL heeft daarom het digiplein geopend waar patiënten met al hun vragen terecht kunnen.
Schotten doorbreken
Er gebeurt dus veel en wat er gebeurt, sluit ook goed aan op de plannen die het MCL voor de komende jaren heeft gemaakt. Tegelijk zijn er grote knelpunten die doorontwikkeling en echte stappen lastig maken. Willem Lenglet noemt er twee: financiering van innovaties en de AVG, die het gebruik van digitale gezondheidsgegevens door meerdere zorgprofessionals bemoeilijkt door strenge regelgeving.
Financiering is nog te sterk gebonden aan allerlei domeinen met hun eigen schotten. Dat maakt samen ontwikkelen vaak heel ingewikkeld. Komt het resultaat ook terecht bij de partijen die hebben geïnvesteerd? Wordt een nieuwe ontwikkeling, nadat deze haar waarde heeft bewezen, na de innovatiefase ook inderdaad onderdeel van de reguliere financiering van zorg? Froukje Ubels noemt als voorbeeld het meedenkconsult.
‘‘Bij een digitaal meedenkconsult krijgt de specialist een vraag, maar de huisarts blijft de hoofdbehandelaar. In dat geval mag de specialist niet in het dossier kijken - er is immers geen behandelrelatie met de patiënt - terwijl relevante informatie en uitslagen wel beschikbaar moeten zijn om de patiënt goed te kunnen beoordelen.’’ Voor deze dilemma’s moet een oplossing worden gevonden, willen we echt de grote slagen kunnen maken die nodig zijn.
Belangen overstijgen
Om deze dilemma’s te slechten en de stappen te kunnen zetten die nodig zijn om de topklinische en basiszorg voor de noordelijke regio te behouden en verder te verbeteren, is er vertrouwen nodig. Daarvoor moeten alle betrokken partijen op alle niveaus met elkaar in gesprek, rekening houdend met elkaars belangen, maar ook bereid om de eigen belangen te overstijgen als de zorg en de patiënt daar echt baat bij hebben.
Gaat het om financiering en AVG, dan zal dat gesprek landelijk moeten worden gevoerd. Gaat het om de toekomst van de acute zorg, dan lijkt het Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ) aan zet en voor andere ontwikkelingen zijn gesprekken met bijvoorbeeld de ziekenhuizen, zorgverzekeraars of de huisartsen nodig of combinaties hiervan. Een hele klus, maar absoluut noodzakelijk, vinden Willem Lenglet en Froukje Ubels. ‘‘Het is zaak om alles met elkaar open en transparant aan de juiste tafels te bespreken. Als we allemaal de urgentie voelen, moet dat lukken. Voor de patiënten en de zorg.’’
#teamMCL
Wil jij ook komen werken bij #teamMCL? Of alvast even digitaal sfeerproeven via ons Instagramaccount @mcleeuwarden?